Doordat ik vroeger intensief in het LDC heb geholpen, weet ik dat het OCMW een groot aanbod heeft aan diensten voor de ouderen.
De nieuwe evoluties verneem ik vooral dankzij Anita, een medewerkster die ik nog regelmatig ontmoet.
Zo krijg ik 1 maal per week poetshulp en regelmatig kleine huishoudelijke hulp aan huis.
Ik beschik over een personenalarmsysteem met een drukknop rond mijn hals. Dit kwam vorig jaar nog van pas toen ik in mijn eigen huis werd overvallen. Door mijn snelle reactie werd de alarmcentrale gebeld en werden de belagers afgeschrikt.
Naast de professionele zorg, word ik omringd door 2 vrijwilligsters (kinderen van een overleden vriendin).
Zij helpen me bij allerlei grote en kleine dingen.
Boodschappen doen, de tuin onderhouden, gezellige kleine uitstappen, enz.
Doordat deze dames zelf ook al ouder zijn,kunnen ze echter niet alles doen.
Gelukkig is er Johan. De buurman van 40 die met plezier kleine technische klusjes opknapt.
In ruil hiervoor verkort ik zijn broeken.

Als de houding van sommige dienstverleners in de gezondsheidszorg een probleem is, hoe kunnen we hieraan dan iets verbeteren?